Groenland

Zowat de grootste misvatting aangaande de Eigenwijze Tuin en de daar bij horende mezelve is de veronderstelling als zou ik een begenadigd tuinier zijn die over een encyclopedische kennis beschikt op het vlak van den tuin en al wat daar bij komt kijken. Dat is helaas – geloof het of niet- verre van waar, op veel vlakken heb ik nog énorm veel te leren.

Ik heb dan ook niet lang getwijfeld toen de vriendelijke mensen van uitgeverij Van Halewyck beleefd informeerden of ik misschien geïnteresseerd was om eens naar hun nieuwe uitgave te kijken en daarover op het internets te rapporteren. ’t Zal wel zijn! Want niet alleen zijn er de tips-and-tricks aangaande tuinieren die mij interesseren, er is ook het fenomeen Bartel. Ever since hij op Ketnet, nadat hij zat te worgen op een regenworm, besloot met de gevleugelde woorden ’Maar ja, overleven is niet altijd plezant of lekker. We hebben weeral wat vitamientjes binnen.‘ kan hij bij mij op het nodige krediet rekenen. Ook in het daar op volgende ‘Groenland’ (TV1, zondag op een onmogelijk uur maar gelukkig bestaan er digicorders) zag en zie ik hem graag bezig. Valt natuurlijk nog te bezien of die mens ook in boekvorm te smaken is, maar hij krijgt alvast het voordeel van de twijfel!

En ziet! Vorige week is ‘Groenland’ dan eindelijk in de brievenbus geland.

Wat me als eerste opvalt: het is een behoorlijk dik boek: 240 bladzijden in totaal, dat geeft hoop voor enige inhoud. Duidelijke indeling ook: elk hoofdstuk met een eigen kleurke, korte inleidende paragraaf, dan op elk blad duidelijke titels die zeggen waar het over gaat, tekst mooi in behapbare blokken verdeeld. Zeer overzichtelijk. Mooie foto’s ook, niet te veel en niet te weinig. Dus wat de verpakking betreft: I like!

En de Inhoud, vraagt u? Wel, even per hoofdstuk bekijken:

Hoofdstuk 1 (Tuinkot) geeft een opsomming van het essentieel tuingerief. Essentieel mag je letterlijk nemen: geen overbodige zaken, gewoon de basics die je nodig hebt om te tuinieren. Met aandacht voor kwaliteit, maar zonder ne mens op nodeloze kosten te willen jagen. Leuke weetjes er bij (dat er verschillen zijn tussen Belgische, Franse en Duitse kruiwagens bijvoorbeeld), plaats voor wat persoonlijke appreciatie (“Ik hou van oud materiaal: er kleeft altijd wel een of ander verhaal aan vast, een stuk geschiedenis.” … “Wat is er charmanter dan hout klieven met de bijl van bompa zaliger?”). Handige tips ook: een emmer wit zand met smeerolie erdoor gemengd om je tuingerief roestvrij te houden, reken maar dat dat er komt alhier.

Hoofdstuk 2 (kleur) is op mijn lijf geschreven: een plantenwijzer met aandacht voor hoe je ze kiest, welke moeilijke zijn en welke makkelijker zijn, hoe je ze moet planten, vermeerderen … Problemen worden niet uit de weg gegaan (aaltjes, slakken, schaduwtuinen,…) Ik heb dit (vrij uitgebreid hoofdstuk) nog niet in detail gelezen, maar heb me voorgenomen het zeker, en zeer aandachtig, te doen. Hier ga ik bijleren.

Hoofdstuk 3 (Behaaglijk) behandelt – o verrassing- hagen.  Tot mijn grote vreugde ook ruimte voor inheemse haagplanten en er wordt zelfs uitgebreid ingegaan op gemengde hagen. Ook het planten zelf van de haag en het snoeien komt aan bod.

Hoofdstuk 4 (Bomen). Nochtans zegt Bartel het in zijn inleidend tekstje zelf: “probeer zeker ook eens een boom ‘van bij ons’ “, maar bij de daaropvolgende suggesties blijven onze inlandse soorten, inclusief fruitbomen volledig buiten beeld. Djutoch! Wel interessant vind ik de suggesties voor bomen in pot. Wou dat ik die twee jaar geleden had gehad, toen ik op zoek was naar een boompje voor op de binnenkoer.

Hoofdstuk 5 (Gras). Er wordt voorzichtig gesuggereerd dat mos in het gazon geen ramp is. Er wordt een lans gebroken voor de mol. Er wordt op gewezen dat niet al het gras kort gemaaid hoeft te zijn. Dat lijkt allemaal voor de hand liggend, maar in een boek dat op een breed publiek mikt zie ik het heel graag staan.

Hoofdstuk 6 (Relax). Mwah. Mij niet helemaal duidelijk welke richting dit (heel korte hoofdstuk) uit gaat, of wat de bedoeling is. Lijkt me een hoog Flairgehalte te hebben, derhalve zeer diagonaal bekeken. Maar wie weet staat er iets zinnig in.

Hoofdstuk 7 (Groensels). De moestuin voor beginners. Van vierkante meter moestuin over teeltplannen tot een volwaardige moestuin. Nogal beknopt en basic, ideaal voor wie misschien overweegt om er mee te beginnen, al zal die ook snel naar meer gespecialiseerde lectuur moeten grijpen vermoed ik. Al staan er ook tips in die ik nog niet kende, zoals ‘de slatruc’ (zie hier onder). Ook in dit hoofdstuk is de aandacht voor ecologisch tuinieren een constante.

Hoofdstuk 8 (snoepen) over bessen en Hoofdstuk 9 (gekruid) over kruiden geven een klassieke opsomming, maar wel met wat ‘nuttige wenken’ zowel qua verzorging als qua gebruik. Ook eens aandachtig lezen, me dunkt.

Hoofdstuk 10 (Water)  op tien bladzijden van minivijver tot zwemvijver behandelen, veel verder dan wat smaakmakers geraak je natuurlijk niet dan.

Hoofdstuk 11 (Mijn groene land) geeft wat suggesties voor te bezoeken tuinen en (vreemd genoeg) ook voor natuuruitstappen. Dat laatste verwacht ik eerlijk gezegd niet in/van een tuinboek.

Besluit? Absoluut positief is de constante aandacht voor de ecologische aanpak van tuinieren, zonder drammerig te worden. Een boek dat zowel basisprincipes uit de doeken doet als bruikbare praktische tips geeft. Een boek dat bruikbaar is voor de beginnende tuinier zowel als de gevorderde. Geschikt voor zowel kleine als grote tuinen, zowel voor wie er veel energie en tijd in wil steken als voor wie het liever wat luier houdt.
De laatste hoofdstukken lijken (lijken zeg ik!) een beetje vlug afgehalspeld en blijven mij net iets te oppervlakkig om echt bruikbaar te zijn. Het laatste hoofdstuk (de uitstapjes) is er zelfs wat met de haren bijgesleurd. Door dit weg te laten zou er ruimte geweest zijn om, verspreid in het boek,  wat door te verwijzen naar gespecialiseerde internetadressen, want dat is iets wat ik toch wel mis. Of wat uitleg over een (hoogstam)boomgaard, ik zeg maar iets. Maar ondanks die klein minpunten is dit boek naar mijn bescheiden mening een aanrader. Voor de prijs (nog geen 20 euro) moet je ’t alleszins niet laten. Ik heb veel duurder boeken liggen die veel minder bruikbaar bleken te zijn. En ik vermoed van u hetzelfde. :-)

Dit bericht is geplaatst in further reading. Bookmark de permalink.

20 reacties op Groenland

  1. AnneTanne schreef:

    Oeps… die zand-met-smeerolie-tip valt mij van Bartel tegen…
    Ik dacht dat het zo stilaan wel geweten was dat je er voor zorgt dat die zo min mogelijk in het milieu terecht komt…
    Veel beter een fles goedkope tafelolie gebruiken voor het onderhoud van je gereedschap!

  2. Johan schreef:

    Smeerolie in de tuin??? zeer ecologisch.
    Misschien beter bio kettingolie (van aspen of zo) gebruiken.

  3. bart schreef:

    @Annetanne en Johan: Ha kijk, ik had nog zo ver niet gedacht zie. Inderdaad, een fles goedkopen keukenolie zal het worden! Want ook al zal de hoeveelheid olie die op die manier daadwerkelijk in de tuin geraakt miniem zijn, alle beetjes helpen. Bedankt voor de tip!

  4. Loko Tosh schreef:

    Ha, mijn grootvader kende de truc met de smeerolie-in-zandbak ook en ik heb hem al toegepast. Schadelijk voor het milieu? Is het nu gedaan met ons allemaal schuldgevoelens aan te klappen voor gewone zelfredzaamheid? Voorwaar ik zeg u, de ecologische moraal is nog nefaster dan de katholieke. Toen was het allemaal de schuld van de erfzonde en daar was wel een mouw aan te passen. Nu is het allemaal onze eigenste schuld, al wat we doen is slecht voor het milieu, en de wetenschap en de pers herhalen het dagelijks tot vervelens toe. De hel is niet meer voor later, we zijn er al.

  5. onderdeappelboom schreef:

    L’Enfer, c’est les autres, Lokotosh.

    Daarnaast, over het boekske: héél goedkoop amai (net zoals het zsazsaboek); de uitgever in mij berekent dan onmiddellijk hoeveel exemplaren er wellicht gedrukt zijn, en als er evenveel verkocht worden, zit het toch goed met de verspreiding van het groenegedachtengoed. Al is het met tuinboeken wellicht zoals met kookboeken: er wordt veel in gebladerd, minder in gelezen, en al helemaal niet veel van in praktijk gebracht. Het leuke aan Groenland (en blijkbaar ook aan dit boek) is dat hij het over de gewone tuin van u en ik heeft, en niet altijd tussen Sissinghurstachtige borders staat te prijken, waardoor zijn ideeën haalbaar lijken. (en de ketnetzin is mij ook bijgebleven :-))
    En wat is dat toch met uitgevers en blogs tegenwoordig? Het lijkt wel of ze eindelijk de nieuwe wereld ontdekt hebben. Hebben ze u tussendoor geen andere voorstellen gedaan? ;-)

  6. onderdeappelboom schreef:

    Ah en ik ken die oliezandbaktruc niet. Moet ik dat boek nu kopen of gaan jullie het me vertellen? :-)

  7. SuFi schreef:

    Die stem van Lokotosh, begot die ken ik. Die truc met de smeerolie die ken ik ook. Ik gebruikte vele jaren terug, gebruikte smeerolie, en voor aleer de spade terug in de grond te steken werd de minuscule hoeveelheid oude smeerolie verwijderd met een versleten onderbroek die dan de restafval berg zero,zero, zero, zero, zero milimeter deed stijgen. Ik denk dat mijn eco voetafdruk daardoor minder steeg dan had ik een liter verse olie van eender welk soort daar aan verspild.
    Jammer genoeg is mijn tijd van tuinieren over and out. Bloempotten met kruiden en bloemen die kan ik nog aan en dat zonder een ingevette spade. hij hangt immers aan de wilgen.
    Dat trucje met die inkerving van de slastam om de groei te vertragen komt dan ook wat laat, maar weet ge dat slasoep ook lekker kan zijn.

  8. johan schreef:

    @ Loko Tosh
    Het gaat niet zozeer over de schuldgevoelens, maar het is wel frappant dat een boek dat het ecologische gedachtengoed aanwakkert (mos in gazon, inheemse bomen…) spreekt over smeerolie in een emmer zand om materiaal waar men mee in de eigenste tuingrond werkt, als tip geeft.

  9. Madame boerenerf schreef:

    Toch eerst ne keer uitlenen in de bib voor ik het zelf aanschaf. Heb al zoveel boeken :-)

  10. Loko Tosh schreef:

    ahum onderdeappelboom: dank voor de mooie oneliner … alhoewel, Sartre is toch mijn ding niet. Maarreu dat van die truc van de oliezandbak: men neme een vat, emmer, bak, kuip, … waar minstens een schop, een spade, een riek, een drietand, een gaffel, enfin, je inventaris van groot en graag roestvrij de winter door te brengen gereedschap, in kan. Je vult de bak met zand en je kiepert er een lading oude smeerolie over (dat was vroeger, nu is het goedkope sla olie: er worden nu gewoon wat meer aandeelhouders rijk) Let wel: genoeg olie om al het zand mooi te kleuren (zwart of geelbruin; ik ben bijna zeker dat je slaolie meer zal stinken vóór ze helemaal zwart is). Enfin, vanaf nu kan je je gereedschap, na mooi afborstelen, gewoon rechtop in je emmertje zetten, veilig tegen regen en wind in een stevig bad olie. ’t goe gerief is ’t half werk.
    ahum SuFi: ik vroeg me al af welk avatar je zou kiezen.
    ahun Johan: van ’t een komt ’t ander

  11. LL schreef:

    Mss zeg ik nu iets heel doms maar kan je eigenlijk je spade of dergelijke niet gewoon direct instrijken met olie. Als ik het goed voorheb is het immers de olie die beschermt.

  12. AnneTanne schreef:

    @LL: het zand heeft als bijkomend voordeel, dat het schuurt, en dus het eventuele vuil en/of roest meteen gedeeltelijk verwijderd… Bovendien, als je je gereedschap in zo’n zand/olie mengsel steekt, blijft er héél weinig, maar wel voldoende olie hangen. Het rechtstreeks instrijken ‘verbruikt’ vaak meer olie…
    Een emmer metselzand, gemengd met die halve liter ranzig geworden olie die achteraan in je keukenkast stond, gaat de rest van je leven mee als ‘roestvrij-houder’ van je tuingereedschap…

  13. Loko Tosh schreef:

    @LL: yep, ook een truc van mijn grootvader, en dat was denk ik om te overwinteren terwijl de oliezandbak vooral in het plant-, graaf- en wroetseizoen werd gebruikt.
    @AnneTanne: het is inderdaad een minieme investering :)

  14. bart schreef:

    euhm… pssst… behalve over smeerolie staan er eigenlijk zelfs nog andere dingen ook in dat boek! ;-)

  15. Loko Tosh schreef:

    over water bijvoorbeeld, zoals in je kikkerpoeltje?

  16. L1 schreef:

    En is het al iemand opgevallen dat dienne Bartelman er ook mag wezen?! :-))
    Lang leve de natuur!

  17. Ria schreef:

    Heb nog nooit enig tuingereedschap ingevet en het gaat nog altijd mee. Na elke werkbeurt je gereedschap schoonmaken en even afwrijven met een doek.En roest ….. nog niks van opgemerkt.

  18. Bart schreef:

    En naar ’t schijnt is hij (weer) vrijgezel, L1a! Go for it! :-)
    Ria: dat is doordat je gerief gezandstraald wordt, aan’t zeetje met die strakke wind aldaar! :-)

  19. zapnimf schreef:

    Gij zijt veels te goed, Bart.
    Die mens heeft u gewoon overgeslagen in zijn aflevering over de boomhut. Sjeemonbartel. (Ja, wij nemen groenland ook iedere week op)

  20. G-man schreef:

    Dit boek is op jeroen meuris zijn gezellige, volkse vertelpraat geschreven dat het zelfs mij gemotiveerd heeft om een moestuin te beginnen.
    De tante kaat, Piet Huysentruit of Eddy Merckx binnen het tuinleven

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.