De eigenwijze tuin

eigenwijzetuin.be

Posts Reacties



Category: vijver

free sucky sucky!

3 April, 2009 (23:25) | dieren, vijver | By: bart

Jazeker, ‘free sucky sucky’:  de schaatsenrijder hieronder is druk doende zijn gratis maaltje leeg te slurpen. Schaatsenrijders teren grotendeels op beestjes die in het water sukkelen en er niet meer uit geraken. Vastgrabbelen en leegzabberen, als ware het een dorstige dronkaard die zich geconfronteerd weet met een  gratis vat. Veel hardnekkig achtervolgen annex  listig verschalken van argwanende prooien komt hier niet aan te pas. Profiteren van ‘t ongeluk van een ander, dat doen ze. De aasgier op de foto heeft iets mug-achtig te grazen. Je ziet de zuigsnuit richting borststuk van zijn prooi verdwijnen. Die zuigsnuit is één van de belangrijke verschillen tussen wantsen (schaatsenrijders zijn wantsen) en kevers: deze laatsten hebben monddelen waarmee ze kunnen bijten in plaats van steken.

schaatsenrijder

En i.v.m. de titel: prutsen met google, ‘t is een hobby gelijk een ander. Een aantal mensen zal weer diep teleurgesteld zijn als ze op deze site landen. :-)

Top gear

9 September, 2008 (15:30) | dieren, vijver | By: bart

Laat die drie kemphaantjes van het jongens-onder-elkaar-programma hier maar eens naar kijken: de Steenrode heidelibel. Een model met prestaties waar de gemiddelde BMW nog een puntje aan kan zuigen. En véél milieuvriendelijker dan wat ze doorgaans de revue laten passeren.

Want leest u maar: Het gekanteld motorblok (ook wel borststuk genoemd) is zeer aërodynamisch van vorm en biedt plaats aan een forse partij vleugelspieren die in een fractie van een seconde het maximaal vermogen kunnen leveren wat in een enorm acceleratievermogen resulteert. De eveneens naar voor geschoven ophanging van de poten levert een kreukelzone op die de schokken bij het vangen van de (relatief zware) prooien opvangt. De ophanging van de kop is eveneens uitermate flexibel en wendbaar.

De centraal op het borststuk geplaatste aandrijving bestaat uit vier onafhankelijk van elkaar beweegbare vleugels. De afzonderlijke aansturing van de vleugels laat hoogstandjes toe als stil hangen in de lucht, verticaal opstijgen en achterwaarts vliegen. Met een vleugelslag tussen de 20 en 40 slagen per seconde is de aandrijving opmerkelijk zuinig (kleinere insecten blazen er met 1000 slagen per seconde hun energie veel sneller door) maar levert wel topprestaties tot 50 km per uur, wat hen de snelst vliegende insecten maakt.

De voorrand van de vleugels is geknikt en fungeert als een soort spoiler. Dit zorgt dat lucht loskomt van het vleugeloppervlak, waardoor lift ontstaat. Aan de voorrand van de vleugels bevindt zich ook een gekleurde vlek, het pterostigma, dat waarschijnlijk een functie heeft bij fijnere bijstellingen van de vlucht.

Eén en ander maakt dat deze diertjes in vlucht bijzonder moeilijk te fotograferen zijn, zeker als ze hun vermogen dan nog eens koppelen en als tandem allerlei manoeuvres gaan uitvoeren.

Op de foto hierboven is een koppel aan het afzetten van de eitjes begonnen. Bij Steenrode heidelibellen worden die 1 per 1 in het water gedropt, waarbij het koppel in hoog tempo telkens van op zo’n 20 cm hoogte naar beneden duikt tot net aan het wateroppervlak. De larven die uit deze eitjes komen leven op de vijverbodem en voeden zich daar onder meer met muggelarven (juicht!).

Gelukkig parkeren deze beestjes zich ook af en toe. Dan wordt het al iets eenvoudiger om ze eindelijk deftig vast te leggen.

Zeer opvallend zijn de samengestelde ogen die uit  tien- à dertigduizend facetjes bestaan en vooral bewegingen waarnemen. Met de onderste helft (groen) van dichtbij, met de bovenste helft (bruinig) veraf.

Vooraan tussen de twee samengestelde ogen zie je ook de enkelvoudige ogen, waarmee ze licht en donker kunnen onderscheiden maar die waarschijnlijk ook als optisch evenwichtsorgaan functioneren. Daar net naast staan de twee korte antennes. De vervorming daarvan laat de libel toe om haar snelheid te meten. Optimale functionele design met andere woorden. En nog mooi om naar te kijken ook.

Het gaat slecht. Verder gaat alles goed

8 August, 2008 (18:29) | vijver | By: bart

Laatst kreeg ik een vraag in mijn mailbox waarin op vriendelijke wijze geïnformeerd werd naar de plantengroei in mijn vers vijverke. Welnu, laat mij bondig zijn: het gaat slecht met de planten. Niet rampzalig, ze blijven in leven en er is bij een aantal soorten (gehoornd doornblad, zwanenbloem) zelfs voorzichtige groei waar te nemen, maar om nu te zeggen dat ze weelderig groeien: neen. De enige planten die het zonder meer schitterend doen in de vijver zijn de draadalgen. Maar daar zijn we geen fan van, en die schep ik er dan ook met heelder pakken tegelijk uit. Nu zijn die draadalgen vaneiges rechtstreekse concurrenten van de andere zuurstofplanten, dus moeten ze eerst inbinden alvorens de andere planten van weelderige groei kunnen doen. Maar ik vertik het om met allerlei productjeuus aan de slag te gaan: de boel moet zichzelf maar stabiliseren. nèm. Wat wel vervelend is, is dat die draadalgen zich krampachtig rond de zuurstofplanten wikkelen met als gevolg dat ik bij het uitscheppen van de boosdoeners steevast ook de frêle plantjes ontwortel, zodat ook die weer achterstand oplopen. Niettemin ben ik in deze materie compleet zen én geduldig, temeer daar het dierlijk leven zich weinig aantrekt van wat er met de planten gebeurt. Volgend jaar beter, zullen we maar hopen.

le grand bleu

3 August, 2008 (20:03) | just pictures, vijver | By: bart

een avondlijke schaatsenrijder

het groot kaliber

2 July, 2008 (21:05) | dieren, vijver | By: bart

Waren de waterjuffers de voorbije maand heer en meester op en rond de vijver, dan lijkt nu de periode van de échte libellen aangebroken. Want zo’n Grote keizerlibel, die vreet een azuurjuffertje als ware het een gezond tussendoortje. Gelukkig voor hen was dit exemplaar niet op zoek naar een hapje maar naar een geschikte plaats om haar eieren af te zetten. Een vijvertje zoals het onze is daarvoor ideaal. ‘Gelukkig’ ook voor mij, want een keizerlibel is een verdomd wendbaar beest dat zelden stil zit, behalve dan om eitjes te leggen. Het vrouwtje legt ze meestal binnenin drijvende afgestorven plantendelen (hier een dode stengel van Waterdrieblad), maar ook levend plantenmateriaal komt in aanmerking.

anax imperator

Drie weken later komt uit elk ei een vraatzuchtige larve die tussen de waterplanten op zoek gaat naar prooien. Ze eten veel (o.a. slakjes) en groeien snel: tegen de winter zijn ze 4,5 cm lang en hebben ze al een tiental vervellingen achter de rug. Ze overwinteren in het diepere deel van de vijver om in het voorjaar nog een goeie centimeter te groeien en tot een laatste larvaal stadium te vervellen. Vanaf eind mei kruipen de volgroeide larven dan uit het water en komt het volwassen dier tevoorschijn.

De foto (180mm macrolens van sigma, F9, zonder statief) heb ik liggend aan de rand van de vijver gemaakt. Keizerlibellen zijn vrij schuw, maar ze zien vooral bewegende voorwerpen. Zolang je muisstil blijft liggen hebben ze dus niet door dat je er bent. De foto die je hier ziet is voor de helft bijgeknipt omdat er aan de periferie een rommelig zootje waterplanten te zien was.

lurkers from the deep

22 May, 2008 (21:35) | dieren, vijver | By: bart

WAK! Mijn vijverke lijkt wel bezet door een leger aliens. Rondomrond is de zoom van de vijver bezaaid met duizenden muggelarven. Kaieeee! Als die allemaal een verpoppingske plegen en bloed beginnen zuigen ben ik nog niet jarig. Misschien toch maar snel de vijver dempen? Ik begin me voorwaar al een beetje ongemakkelijk te voelen.

muggenlarven

Op bovenstaande foto zien ze er nog onschuldig uit, maar kijk eens van dichterbij!

2 muggenlarven

Of nog erger, van nog een beetje dichterbij! MONSTERS zijn het! En hij grijnst zo boosaardig!

muggenlarve van dichtbij

Maar zienu, kihiiiieee! De voedselpiramides in actie: vanuit het niets komt daar een bloeddorstige waterkever opgeduikeld die prompt één van die bloedzuigende ellendelingen wegplukt! Kijk, hieronder zwemt hij weg met zijn prooi. Moge het hem (naar meer) smaken.

roofkever eet muggenlarva

En zelfs als er al eentje door de mazen van de vleesetende kaken glipt wacht hem, eenmaal boven water, de luchtmacht. Want de Rode baron (allez, ne vuurjuffer dan) ligt al op de loer.

vuurjuffer

Ha! en Joepie! roep ik dan. En de vijver zit vol met zo’n diepzeemonsters. Hurray! Niet alleen van het merk roofkeverken, bovendien. Want kijk welk vreemdsoortig schepsel daar afgevallen boomblaadjes zit te consumeren net onder het wateroppervlak: een dikke vette poelslak. Als ware het een walvis in mijn eigenste mini oceaan.

poelslak

Zo wijs maat. Dat KRIOELT van de beestjes. Poelslakken, kevertjes in diverse maten en soorten, schaatsenrijders (ze hebben gekweekt), ruggezwemmers, kikkervisjes… WhIIIII!!!

troubled water

9 May, 2008 (10:15) | in eigen tuin, vijver | By: bart

Eerlijk gezegd ben ik blij verrast dat mijn vijverke het (tot nu toe) heel behoorlijk doet. Het waterpeil zakt niet, de plantjes lijken niet dood te gaan en zelfs voorzichtig aan te groeien, er zijn al heel wat spontaan ingeweken minibeestjes actief en de door opa aangevoerde kikkerdril is omgezet in flink groeiende kikkervisjes. So far so good. Maar één ding baart mij matig zorgen: het water is alles behalve helder te noemen; het is bruin. Bruiner dan op de foto hier onder, want die is al een week of twee oud. Nu maak ik mij daar op zich geen zorgen om, want het is nog lang geen bruine soep en de planten zullen op termijn wel de voedingsstoffen uit het water opnemen als ze wat sterker groeien en zo vanzelf de algengroei (want daar komt die bruine kleur vandaan) reduceren.
de vijver, toestand begin mei Wat mij wel een beetje ongerust maakt is dat ik op mijn internetgewijze zoektocht naar de oorzaak van de bruine kleur op veel plaatsen las dat je een vijver dient te vullen met leidingswater, en vooral niet met regenwater. Want regenwater zou te zacht zijn, en vooral te zuur. Nu valt het met die zuurte nog vrij goed mee: ‘s avonds gemeten en toen was het pH 6,5. Een ideale vijver zou een pH tussen 7 en 8 moeten hebben. In te zure vijvers gaan planten kapot en verslijmen ze (dat is bij mij voorlopig niet het geval). Nu is ‘tinterweb niet de meest betrouwbare bron, en wordt foutieve info dikwijls kwakkeloos gekopieerd. Ik heb ook een boek waarin expliciet staat dat regenwater te verkiezen valt boven leidingswater. Tja… twijfel o twijfel. Daarom ten rade gegaan bij een specialist ter zake: het vijvercenter. Meneer Vijvercenter z’n ogen plopten er bijna uit toen ik hem vertelde dat ik regenwater gebruikt had. Zijn oplossing: vijver leeg maken en hervullen met leidingswater, en er dan twee pullekes product in kappen om de boel te neutraliseren en in gang te zetten met bacteriën. Ik twijfel toch nog om dat effectief te doen. Misschien moet ik gewoon wat langer geduld hebben en afwachten tot de planten de overhand nemen op de algen. Of wordt het alleen maar erger, en krijg ik zoals de meneer zegt ook problemen door een te lage hardheid. Iemand ervaring met regenwatervijvertjes? Geruststellende woorden en al?

Hieronder nog even de huidige beplanting van de vijver. Zoals je ziet heb ik Menck z’n raad opgevolgd en er Penningkruid en Slangenwortel bijgehaald (en en passant nog een Zwanenbloem, hihi. deze staat nog niet op het plannetje)

de vijver, toestand mei 2008

plantadvies

21 April, 2008 (20:59) | vijver | By: bart

De eerste plantjes in en om de vijver zijn ter plaatse geraakt. Nu wachten tot ze weelderig gaan woekeren. Enkele soorten (Watermunt, Beekpunge) had ik maar uit de oude betonnen drinkbakken op de binnenkoer te plukken. Voor andere heb ik mij in het hol van de leeuw gewaagd: Ecoflora in Halle. Het Walhalla voor de natuurtuinder, waar ze mensen danig in verlokking brengen met al die verleidelijke soortjes aan democratische prijzen. En het helpt niet om slechts een beperkt budget te voorzien, want die snoodaards hebben bancontact geïnstalleerd!
Maar ik heb me beheerst! In eerste instantie kwam ik om zuurstofplanten, en dat is ook wat ik meegebracht heb: Waterviolier, Gedoornd hoornblad en Fijne waterranonkel (R. aquatilis). En er is ook geheel per ongeluk Waterdrieblad in mijn mandje geland.
En Boerenwormkruid. En Maagdenpalm. En ik vermoed dat er ook wat puntkroos meegelift is met een ander waterplantje. Maar dat is het. Meer heb ik niet gekocht.
Behalve nog die Ribes dan (Jonkheer van Tets).

beplantingsschema vijver

En zo is het dus allemaal in en rond de vijver geplant. Maar kijk die foto hieronder eens: dat trekt nog altijd op niks. En dan bedoel ik niet de waterplantjes, want dat komt wel in orde mits enig geduld. Neen, ik heb het over die lelijke oevers waar die folie veel te zichtbaar is. Een paar klimopjes en maagdenpalmpjes kunnen misschien wel wat soelaas bieden, maar mirakels verwacht ik er niet van.

pas aangelegde vijver

En dat is waar jij, beste lezer, in beeld komt. Want ik heb je advies nodig. Ik ben op zoek naar planten die in een natuurlijke tuin passen, die ik net naast de vijver kan planten en die de folie zullen gaan overgroeien met uitlopers, afhangende bladeren, … En mocht het nog groenblijvend zijn op de koop toe, dan zit het helemaal snor. Alle suggesties welkom!

vijverplannen

18 April, 2008 (20:51) | vijver | By: bart

Normaal maakt een mens eerst een plannetje om vervolgens aan het graven te slaan. Hier is het in omgekeerde volgorde gebeurd, maar gezien de beperkte afmetingen van de vijver niet echt een probleem. Hieronder links een grondplan van de vijver, rechts een dwarsprofiel tussen A en B / tussen C en D.

vijverplattegrond en dwarsprofielen

Volgende stap was het vijvertje te te situeren op het overzichtplannetje.

de eigenwijze tuin Omdat een vijver op kaart nu eenmaal blauw hoort te zijn, en één blauw vlekje op een voor de rest kleurloze kaart ook maar niks is, heb ik ineens de rest van de plattegrond ook mee onder handen genomen en een kleurtje gegeven. Hopelijk is het resultaat een beetje duidelijk

En nu weer naar de echte vijver! Op het programma voor dit weekend staan de afwerking van de oevers (die lelijke folie wegwerken blijkt al bij al nog niet zo eenvoudig) en als er nog tijd rest het aanvoeren van de eerste zuurstofplantjes. Om de evolutie een beetje overzichtelijk bij te houden komt er eerstdaags ook een nieuw rubriekje ‘vijver’ in het menu hierboven. Het weekend zal weer veel te kort zijn!

ongeduld

13 April, 2008 (21:42) | dieren, vijver | By: bart

Het is pas achtenveertig uur geleden dat ik in mijn vers uitgeschupt minivijvertje (de Poel, zoals ongeruste oma hem noemt) een paar duizend liter regenwater pompte. Op twee sprieten watermunt en nog een ander zielig stengeltje groen dat ik uit de betonbak op de binnenkoer geplukt heb na, staat er nog geen enkel plantje in. Wat ooit een bruisend biotoopje moet worden is nu nog een koude plas water met een bodem met niets dan zand en hier en daar nog en vlekje vijverfolie. Het natte equivalent van een dorre woestijn. De eerste waterdiertjes had ik dan ook in de verste verten nog niet verwacht. Groot Verschot dan ook toen ik deze namiddag zag dat er begot al een schaatsenrijder (Gerris lacustris) in de plas geland was, druk doende met in het water gesukkelde insecten leeg te zuigen. Nu vraagt een mens zich af: hoe komt dat beest hier zo snel terecht, als ware het een Joodse kolonist die een maagdelijk lapje Gazastrook in de mot krijgt? 24 uur en het vijveroppervlak was al gekoloniseerd. Ik persoonlijk sta daarvan te kijken.

de eerste officiële bewoner van de vijver

En hij was zelfs niet alleen gekomen! Neen! Een beetje verderop was een watertorretje van het belachelijk snel voortbewegend type actief, op en neer peddelend in het water. Ook de diepere regionen van de vijver zijn dus al in gebruik genomen. Mô vint toch! Rap uit de losse hand een paar foto’s gemaakt, als ik eens wat meer tijd heb zal ik er mijn statief bijhalen en er mijn werk van maken.
rap zwemmend waterkevertje

p.s. t.a.v. overbezorgde oma: de toegang tot de vijver is hermetisch afgesloten met een voldoende hoge draad en 25 stekelige meidoornplantjes met een onderlinge afstand van 10 centimeter.

En om de landbewoners niet helemaal over het hoofd te zien: nog een fotootje van een wild bijtje op een paardebloem.

wilde bij op paardebloem