veld wordt bos
![]()
Een voormalig stukje graasweide dat nu tuin geworden is (het trapeziumvormig stukje linksonder op de plattegrond) is van plan om bos te worden: kiemende eikjes en vooral veel wortelopslag van Olm zoeken zich een plaatsje tussen het gras. Een handje helpen kan nooit kwaad natuurlijk. Daarom heb ik een minibosje van 25 veldesdoorns in de grond gestoken. Ze kunnen uitgroeien tot een stapsteentje dat de verbinding maakt tussen bos en houtkanten met de (in de verre toekomst aan te leggen) poel.
De Veldesdoorn of Spaanse aak (Acer campestre) is een wat ondergewaardeerde struik in tuinland. Misschien omdat het een ietwat trage groeier is? De boompjes kunnen wel enkele honderden jaren oud worden en zijn zeer tolerant voor zware snoei of zelfs hakhoutbeheer, wat ze dan wel weer geschikt maakt voor onze menselijke bemoeizucht.
Ondanks wat het synoniem Spaanse aak laat vermoeden is het toch een inheemse boomsoort die zeer populair is bij de beestjes alhier. Ze stonden dan ook al in mijn tuin (in de haag aan de straatkant, daar is ook de foto hierboven gemaakt), maar de exemplaren die nu aangeplant werden mogen wat breder uitgroeien.
In eerste instantie is het een rijke nectarplant: bijen en andere insecten kunnen makkelijk bij de overvloedige nectar komen. Ook stuifmeel is volop aanwezig. Op de voedselrijke schors groeien hopen mossen en korstmossen. Veel zwammen zijn geïnteresseerd in het afbreken van de blaadjes, zoals bijvoorbeeld Rhytisma acerinum, die de bekende zwarte vlekken op esdoornbladeren veroorzaakt (de zogeheten inktvlekkenziekte). Verder kunnen bladrollers, mineermotten, galmuggen, bladluizen, motluizen, witte vliegen en weet ik wat nog hun ding doen met Veldesdoorn. Zelf staan ze dan weer op het menu van roofmijten, kevertjes en co. Een fijne basis voor een weelderig dierenleven met andere woorden.

Dinsdag in mijn bus gevallen en woensdagnamiddag al geplant :