all is quiet…
Ligt het er niet vredig bij, het Eigenwijs Erf, zo onder een wit sneeuwlakentje? Alles peis en vree.
Read more »
Ligt het er niet vredig bij, het Eigenwijs Erf, zo onder een wit sneeuwlakentje? Alles peis en vree.
Read more »
Read more »
Dieren houden vind ik leuk. Het hobbyboerke in mij, weetwel. Vlees eten vind ik ook leuk. De bourgondiër in mij, weetwel. De combinatie van beiden is niet zo leuk. Slachten, weetwel.
Voorspoed alom, daar in die knusse warme stal. Ik had het eerlijk gezegd niet durven hopen deze morgen toen ik dat verkleumd hoopje lam van de wei opraapte.
Maar zie, zowel Pitou (♂) als Minou (♀) (*) stellen het zo te zien wonderwel, drinken voor zover in te schatten valt behoorlijk goed en worden daar door Moeder Mieke bemoedigend bij toegemekkerd. Meer moet dat niet zijn.
En waar aanvankelijk enige onduidelijkheid bestond over het vaderschap (Mieke verhuisde naar ons erf toen ze zich in een ‘beslissende fase’ bevond), kan na de worp niet echt meer getwijfeld worden. De chaotische verspreiding van witte vlekjes op niet-zwartbles-geeïgende-wijze wijst overduidelijk in de richting van De Witte van Moerbeke, die onverdroten zijn rasvermenging verder zet. De raszuivere Marcel van Buikberg kwam er niet aan te pas, zo blijkt. Ze zullen bij SLE weeral niet content zijn.
Maar allezjoep, zo ver zijn we al. Nu Betty nog, en we zijn weeral compleet voor dit jaar. De close-shave van deze nacht indachtig heb ik haar voor de zekerheid maar op stal gezet voor de nacht. Als’t niks blijkt te zijn mag ze morgen weer buiten spelen.
Betty is er helemaal klaar voor
(*): Traditioneel worden de namen van de lammetjes door onze kroost gekozen. Even traditioneel worden de twee eerstgeborenen ‘Pitou’ en ‘Minou’ gedoopt.
Zie, ik ben er niet gerust in hé! Mieke loopt nu al een paar dagen met een volle uier rond, en deze avond neigde ze tot afzondering. Iets wat mogelijk kan wijzen op op til zijnde lammertoestanden. Ik dus gepoogd om, gelet op de vriestemperaturen en koude oostenwind, madam binnen te lokken in de warme knusse stal. Normaal gezien komt ze dan blindelings aangemekkerd om zich op de aangeboden korrels te storten, ge moet u reppen dat ze u niet onder de voet loopt. Maar zo niet vandaag natuurlijk: alledrie zo argwanend als wat. Die beesten hebben dat gedikke altijd direct in het snotje als je iets van plan bent… En nu zijn ze gedrieën richting verste uithoek van de weide getrokken, om daar te gaan maffen. Pestkoppen!
Straks nog eens gaan loeren vooraleer ik ga slapen, maar ik wil ze ook niet te veel opschrikken, want dat is ook allemaal niet aangeraden.
Morgen om zes uur gaan kijken als eerste werk! Spanneuund!
update 8/10: ‘t was van dadde: twee lammetjes (mannetje en vrouwtje) geboren in de vriezekou op de wei. Moeder en kroost om kwart na zes verhuisd naar de stal, ééntje (het vrouwtje) leek het zwaar te hebben en heeft van een half uurtje haardrogerwarmte mogen genieten en van een spuitje biestmelk in ‘t kelegat (ooien melken, ‘t is altijd een belevenis). Tegen dat ik naar mijn werk vertrok stonden ze alle twee goed recht en zag het er al veel beter uit. Mieke heeft in elk geval overvloedige melkproductie en ze is ook zorgzaam voor haar twee spruiten. Maar ‘t is een kalle dat ze gisterenavond niet binnen in de stal gekomen is!
Oh, kijk! ‘t heeft gesneeuwd op de wilde peen. En bij uitbreiding op de hele tuin en huis!
Wat zeg ik? We zijn gedikke bijna ingesneeuwd!
Betty kan er niet mee lachen (WTF!! Who took the grass?)
In tegenstelling tot de kinderen, die hadden wel dikke pret. (nota aan de Juffrouw van Onder de Appelboom: wij doen hier niet aan kleintjes :-p )
En ge hebt daar op allerlei manieren plezier van, van sneeuw. Dat laatste vooral dan in combinatie met onderstaand gerief.
Kortom, we hebben er hier van genoten, van onze eerste vakantiedag. En hopen van u hetzelfde.
Neen, het is dan uiteindelijk toch niet goed gegaan met het herstelproces van de Zwarte. De zwelling van haar uier is uiteindelijk weliswaar verdwenen, maar in plaats daarvan kwamen er kort daarna dikke korsten, zwarte stukken dood vlees en open wonden. Bijzonder jukkie allemaal, en wellicht ook zeer onaangenaam voor de ooi in kwestie. Jammer, want de Zwarte was een braaf beest en een zorgzame moeder. Maar geen hoop meer op beterschap, laat staan op melk voor de nieuwe lammetjes volgend jaar. Er zat dan ook niet veel anders op dan haar te slachten, en liefst vroeger dan later. Dit weekend daarom in één moeite de drie nog resterende lammeren van dit voorjaar samen met de Zwarte richting diepvries verhuisd. Min vier schapen dus, rest nog twee. En dat is meteen het kleinste aantal schapen sinds we hier wonen (ooit hebben we er veertien gehad). ‘t Is een beetje zielig zelfs, die twee bijeen op die grote lege weide. Gelukkig krijgen ze volgende week nieuw gezelschap.
Frisse jonge knaap, proper op zijn eigen, in de fleur van zijn leven en met vaste betrekking w.k.m. proper jong mieke. Ben jij een dartel zwart blesje op zoek naar een warme en zorgzame thuis, laat dan je verzorgend personeel contact opnemen met mijn butler. Samen worden we gelukkig. (jaloerse types, gelieve zich te onthouden)
(wie met andere woorden een gezond vrouwelijk zwarte bles lam te koop heeft mag het zeggen)
Het zal zo rond kwart voor acht geweest zijn toen ik gisterenavond nog even buiten was. Juist op dat moment zag ik De Witte van Moerbeke en één van zijn nakomelingen van kopken-dreun doen. Ze zitten niet langer op dezelfde weide (ouders en nageslacht zitten gescheiden), dus het vraagt enige coördinatie om elkaar met een aanloop van een paar meter net ter hoogte van de ursusdraad te rammen. Maar rammen kunnen dat, ondanks (of net dankzij) de verhoogde testosteronspiegels. Het is de enige plaats waar twee weides rechtstreeks aan elkaar palen, op de andere plaatsen zit er een houtkant tussen.
Ho, bedacht ik nog, ik zal ze op de andere weide moeten zetten of ze krijgen de afsluiting nog kapot. Twee seconden later knalden de twee koppen weer tegen elkaar. Maar terwijl De Witte zich al opmaakte voor een derde stoot zakte zijn opponent door de knieën. Na een minuut stuiptrekken was het afgelopen. Schaap dood. Damn.
Big boobies, het is mijnen dada nooit geweest en ook in dit geval wordt ik er bepaald niet vrolijk van. Gisteren tegen de avond viel het mij op dat één van de ooien zich nogal afzijdig hield en zelfs niet dartel kwam aangeklost toen ik daar sinterklaasgewijs droge broodkorsten stond uit te strooien. Een vluchtige inspectie was genoeg om de oorzaak van het gebrek aan fut vast te stellen: mastitis ofte uierontsteking.
Voor de niet-schapen-houders onder u: dit is zo ongeveer drie keer de normale grootte van de uier. Moet bijzonder pijnlijk zijn voor het beest. Ze kon zich zelfs niet neerleggen, de dutse. Zondagavond veeartsen van achter hun barbecue bellen vond ik echter een iets te veel van het goede, vandaar dat ik tot maandag gewacht heb. Ondertussen is Norbert langsgeweest en heeft ze twee flinke spuiten gekregen. Ze lijkt voorwaar al wat aan de beterhand.
Zie maar, ze kan zelfs alweer een beetje schaapachtig lachen voor de foto, ‘t schaap.
Minder leuk daarbij is dat na een dergelijke ontsteking er veel kans is dat ze niet meer voldoende melk zal kunnen leveren als in het voorjaar de nieuwe lammetjes geboren zijn. Onze veearts wond er dan ook weinig doekjes om, en raadde aan om ze de grote merguezetruc te laten doen. Maar ik zou ze eigenlijk toch graag nog een kans geven. ‘t is een mak beestje en tot nu toe is ze een goede moeder geweest, misschien dat het volgend jaar toch nog lukt. En anders wordt het papflessen geven. Vooral de eerste weken pijnlijk (‘s nachts opstaan en dingk), maar daarna in hoofdzaak plezant. We zemme zien wat we er mee aanvangen in september…
Ziet, heer Warre van de biekes en mevrouw van onder de appelboom zijn zo vriendelijk om in de comments op dit bericht interesse te laten blijken voor concrete koterijplannen. Meer hints hebben we niet nodig voor een beetje spielerei met het onvolprezen SketchUp natuurlijk.Whiiiiiiii!
De stal zelf (de rechter drie-vierde van bovenstaande schets, breedte 6 meter, diepte vier meter) komt op een betonplaat te staan. Het afdak (linkse vierde van bovenstaande schets, twee op vier meter) gewoon in het gras. Omdat het terrein lichtjes helt komt er achteraan (hier de verhoogde witte achterrand) een gemetseld muurtje van 40 cm hoog. Zo blijft de houten bekleding droog. De vertikale draagbalken zijn allemaal 9x9cm. De vijf dragende dakbalken 9x21cm en daarop nog om de 60 cm latten van 2x10cm. Rondom de stal komen tandgroef planken van 2,8 dik en op het dak houten platen tegen de condensatie en daarboven metalen golfplaten. Nu ben ik geen architect, maar ik denk dat het geheel toch stevig genoeg zal zijn om te blijven staan. Moest ge daar gefundeerde twijfels aan hebben, aarzel vooral niet om ze te ventilleren!
En ook over de inrichting van het kippenhok heb ik al wat nagedacht. (op het filmpje hieronder is de voorwand weggelaten en voor ‘t gemak ook de rest van de stal) Betonvloer om makkelijk schoon te maken, een slaaprek waarvan de poten in olie staan zodat parasieten niet op de slaapstokken geraken, en legbakken die langs achter geopend kunnen worden om de eitjes te rapen. ‘t Ga schoon zijn peisk!