
Laat me es raden: jij hebt geen poezen?
… schrijft Menck in de reacties op het vorig bericht. Toch wel dus. Twee zelfs. (en hij zou het moeten weten, moest hij de reacties op zijn eigen blog wat aandachtiger lezen, ha!)
Poeke en Titus, moeder en zoon. Poekie is ondertussen een jaar of twaalf oud, en dat valt er aan te merken. Haar dagtaak bestaat uit rondhangen in de buurt van binnenkoer of op de hooizolder (geen van onze katten komt binnenshuis) en ten gepasten tijde afzakken naar haar eetbak.
Titus, een kater van om en bij de vijf jaar oud, is een ander paar mouwen. Afgetraind en semi-wild, kappen in zijn oren van het vechten, regelmatig voor meerdere dagen ‘verdwenen’, een killer quoi.
Ze doen schade, daar ben ik van overtuigd. Bosmuizen, Woelmuizen, Spitsmuizen, een sporadisch vogeltje of een verdwaalde mol, het moet er allemaal aan geloven. Poekie heeft in de loop van haar jonge jaren zelfs twee wezeltjes aangebracht. Op het totaal aantal prooien dat ze aanvoeren en aan de achterdeur laten liggen is het aandeel vogels minimaal. Dat heeft paradoxaal genoeg waarschijnlijk te maken met het grote aantal vogels dat in mijn tuin zit: meer ogen om de naderende poes te spotten, en om alarm te slaan (vogels waarschuwen elkaar voor naderend gevaar). De woelmuizen zijn blijkbaar niet zo sociaal aangelegd, want ik schat dat 90% van de kadavertjes tot die groep behoort. Dat zou vermijdbaar zijn door onze katten een halsband om te doen met meerdere belletjes (één belletje is niet genoeg: katten ontwikkelen op korte termijn een sluiptechniek waarbij ze dat ene belletje stil weten te houden), maar dan is gelijk de reden weg waarom ik katten hou. Want ze vangen ook de huismuizen, die zeer frequent in onze stalletjes en berghokken opduiken. Nu goed, huismuizen… daar valt mee te leven. Mits de nodige hygiëne wat dierenvoeders betreft (in afgesloten containers bewaren) zal het met het aantal huismuizen goed meevallen.
De echte reden waarom Poekie en Titus bij ons rondlopen zijn de bruine ratten. Die halen hun voedsel in de buurt (maïsveld, kippenhokken,…) en maken op mijn erf nesten tussen paletten, achter steenstapels, onder het kippenhok,… zelfs onder de dakpannen van onze living. één ratje in mijn schapenstal, ik zou er niet van wakker liggen. Maar één ratje dat in mijn dakisolatie zit te nestelen: ola pola! Bovendien worden ratten alras een probleem: het blijft niet bij ééntje.
Maar Titus en Poekie maken er werk van. De occasionele rat die opduikt houdt het zelden lang vol. En daarom mogen ze blijven, onze twee sloebers. Al ben ik nog in twijfel of ze opvolging zullen krijgen éénmaal ze de pijp aan maarten geven. Afwachten wat de ratjes zullen doen op dat moment.